vrijdag 18 april 2014

Review: Perry Leopold - Experiment In Metaphysics

Gear Fab 1999-(GF-122)

Perry Leopold werd in Philadelphia geboren en luisterde in zijn jeugd naar folk muziek van onder andere Bob Dylan, Phil Ochs, Joan Baez, Tim Buckley en Tim Hardin.
Op zijn vijftiende begon hij met het schrijven en spelen van zijn eigen songs, zichzelf begeleidend op gitaar.
In 1970 maakte hij zijn eerste LP "Experiment In Metaphysics", die in 5 uur tijd in de kelder van een schoenenreparatie winkel was opgenomen en in een oplage van 300 exemplaren was geperst.
De meeste van de 300 exemplaren, die op het WS label verschenen, werden gratis weggegeven in Philadelphia en enkele daarvan doken dertig jaar later op in Hong Kong en Singapore.
Het album bevat 7 nummers en bestaat uit 2 verschillende kanten: kant 1: Kommercial, waarop 4 songs staan en kant 2: Acid-Folk met daar op 3 songs, maar de CD versie heeft nog 3 bonusnummers extra.
De plaat begint met "The Absurd Paranoid", een iets meer dan 8 minuten durende mooie folk song, die in een rustig tempo wordt gespeeld en gezongen en lichte psychedelische invloeden bevat, waarbij de tekst van serieuze aard is.
Daarna volgt "Cold In Philadelphia", eveneens een rustige folksong met een tekst, die met het leven te maken heeft en een licht religieuze achtergrond bevat.
In "And Then, The Snow Came" speelt Perry een psychedelisch instrumentaal nummer met wisselende ritmes en in "The 35Th Of May" speelt hij opnieuw een uitstekende rustige folk song.
"Experiment In Metaphysica" is weer een instrumentaal nummer en daarin speelt Perry een lekker stukje muziek met afwisselende ritmes, dat gevolgd wordt door "When You're Gone (Everything Goes)", een prettig in het gehoor klinkende religieuze folk song en "The U.S.S. Commercial", een prachtige folk song, waarin opnieuw wisselende tempo's zitten.
De eerste van de bonus nummers heet "Jets They Roar" en daarin laat Perry een aanklacht tegen het oorlogsysteem horen en ook in "The Prophesy" speelt hij eenfolk song met een serieuze aanklacht tegen het systeem.
De laatste song is "The Dawning Of Creation" getiteld en hierin speelt hij een uitstekende folk song, die prima in het gehoor klinkt.
De CD "Experiment In Metaphysics" bevat heerlijk rustige muziek, die vergezeld gaat van een boodschap en is daarom alleen al de moeite van het beluisteren waard.

vrijdag 11 april 2014

Review: Psychedelic Crown Jewels - Vol.2

Gear Fab 1999-(GF-123)

Psychedelic Crown Jewels Vol.2 is een verzamel CD, waarop 29 nummers van 28 bands staan, die in de periode 1965-1969 actief waren.
Het eerste nummer van de CD komt van The Counselors uit Columbus, Ohio en heet "Love Go Round", een uitstekende psychedelische song, die in 1968 opgenomen werd en uitgebracht werd via het Ironbeat label met "Why Don't You" als achterkant.
De volgende song heet "Why", een schitterende pop song van Joel Tessler uit Miami, Florida, die deze demo in 1966 maakte en die naar Jack Blanchard van het Zodiac label stuurde.
Daarna volgt Northbridge Company uit Peoria, Illinois, die eind 1967 begin 1968 de geweldige licht psychedelische single "Strange Land, Strange People" via het Sand G label uitbracht.
Het nummer "Come Back )To Me Baby", een heerlijke uptempo beat song uit de periode 1965-1966 komt van een proef persing, waarvan de band gegevens ontbreken, maar door uitvoering van de muziek is het aannemelijk te veronderstellen, dat deze groep waarschijnlijk uit Californië kwam.
The Rockin' Roadrunners uit Orlando, Florida, maakten met "Urban Meadows" een fantastische psychedelische beat song, die in een rustig tempo gespeeld wordt en via het Tener label werd uitgebracht in 1967 en "Go Away", dat in mei 1966 werd uitgebracht via het Lee C (Lee Hazen) label, is een uitstekende beat song.
De demo "Over You" van The Mark V, een high school band, is eveneens een rustige song, die een licht psychedelisch karakter heeft en The Marauders uit Californië maakten met "Our Big Chance" een schitterende garagerock song, die in 1966 als proef persing verscheen.
The Baroque Monthly uit Columbus, Ohio, die in in hun begin periode onder de naam The Jaguars speelden, maakten in 1968 de single "You Are Your Only Mystery" , een lekker klinkende psychedelische pop song, waarin de band zich had laten inspireren door de muziek van The Beatles en The Left Bank.
Oorspronkelijk heette The Jelly Bean Bandits, een New Yorkse band, The Mirror en in 1967 schreven ze alle nummers voor hun gelijknamige LP, waarvan de garagerock song "Salesman" er één was en voor dit nummer haalden ze inspiratie uit The Beatles single "Paerback Writer".
The Menn kwam waarschijnlijk uit Californië en deze band bracht in 1967 de single "Things To Come" uit, een psychedelische beat song met een aanstekelijk dansbaar ritme.
Dan volgt The Hustlers uit Miami, Florida, met de demo van "If You Try", een heerlijke garagerock song, waarvan invloeden van The Byrds en The Beatles lichtelijk hoorbaar zijn.
In April 1968 verscheen het nummer "It Won't Rain On Me", een licht psychedelische pop song van The Sons Of Joseph uit Wyandotte, Michigan en in augustus 1967 werd "Talk To Me", een uptempo psychedelische beat song, door The Checkmates uitgebracht via het Champ label.
Associated Artists bracht in 1967 de single "People Say", een fantastische psychedelische pop song, van The Rogues uit Savannah, Georgia, uit en The Illusion uit Birmingham, Alabama maakten het nummer "Shadows Of You", een snelle beat song, die een prettig ritme bevat.
The Prime Mover uit New York City, New York, bracht, via het Socko label, in november 1967 de single "When You Made Love To Me" uit, een uitstekende licht psychedelische rock song.
In 1967 verscheeen het nummer "Have A Good Time On Me", een lekker in het gehoor klinkende garagepoprock song van The Grapes Of Wrath uit Phoenix, Arizona, via het Storm label en januari van dat zelfde jaar bracht The Off-Beats, die waarschijnlijk uit Louisiana kwam, het nummer "Tired Of Crying", een op "The Harlem Shuffle" geïnspireerde song uit, via het Rhythm label.
Het PKB label bracht in april 1966 het nummer "Yes It's Too Bad" uit, een heerlijke swingende pop song van The Gang Of Saints uit Adel, Georgia, waarvan het gitaarspel me aan dat van Chris Isaak doet denken.
Substantial Evidence uit Biloxi, Mississippi, nam in 1968 3 nummers op: "Hang Loose Mother Goose ('Cause You Got Soul)", "Please Walk By" en "Death Angel", dat via het Groovy Grape label op single verscheen.
Het nummer, een prettig klinkende pop song, haaldeniet alleen de eerste plaats van de Biloxi's radio hitparade, maar ook bereikte het de eerste plaats in Los Angeles bij radio Bogalosa.
Uit Portland, Oregon kwam The Phantoms en hun nummer "The Story Of A Rich Man", dat een mix lijkt van "And Your Bird Can Sing" en "Paperback Writer", werd in maart 1968 via het Grapes label uitgebracht.
In augustus 1967 verscheen, via het Tener label, de single "Drawbridge", een schitterende garagerock song van The Barons uit Orlando, Florida en in dat zelfde jaar kwam ook "The Third Eye" uit, een swingende psychedelische pop song van The Joint Effort uit Texas.
The Kracker Barrell Komplex uit Oglesby en Peru, Illinois, nam hun enige single "My World" / "Different Than Me", een prima pop song, in de David Kennedy Recording Studio op en deze verscheen in 1968 via het Page label.
De single "Gator, Tails And Monkey" / "Bad News", een geweldige garagerock song van The Six & Stonz uit Florida heeft wel iets weg van "I'm Not Your Steppin' Stone" van The Monkees en verscheen via het Tiny Pat label.
In 1966 nam The Individuals, uit New York City, New York, een lekker klinkend licht instrumentaal psychedelisch garagerock nummer, op, getiteld "She's Gone Away", waarvan eerder een gezongen versie verscheen, die op hun LP terecht kwam.
The Jaguars uit Columbus, Ohio, maakten in 1965 de fantastische demo "Two Can Play", een lekker in het gehoor klinkende pop song, waarna de band verder ging onder de naam The Baroque Monthly.
Het laatste nummer van de CD heet "Five Steps To Hell", een schitterende psychedelische rock song", die in 1967 via het D&C label verscheen en komt van The Viceroys uit Sunnydale, Californië.
De CD bevat veel obscure uitgaven, waarvan er maar weinig exemplaren in omloop zijn gebracht en is dus een schitterende aanvulling voor elke jaren 60 muziek verzamelaar.

vrijdag 4 april 2014

Review: Wizard - The Original Wizard

Gear Fab 1999-(GF-124)

Wizard werd in 1970 te Tampa, Florida opgericht door Paul Forney - zang en basgitaar en Ben Schultz - solo-, slaggitaar en zang en bestond tot 1972.
Nadat Chris Luhn, die roadie was van de band Brother, als drummer bij dit duo was gekomen, was de band een feit.
Nadat de bandleden een gedegen repertoire had opgebouwd en goede kritieken kregen, werden ze gevraagd als voorprogramma te fungeren voor Iron Butterfly.
Helaas voor Wizard was dat maar voor korte duur, want het aanwezige publiek vond Wizard geweldig en liet de band niet van het podium gaan, waardoor Iron Butterfly het voorprogramma schrapte.
Ook speelde Wizard begin jaren 70 als voorprogramma van onder andere Chicago, Mountain, Flock en Rod Stewart en bracht in 1971 hun enige LP "The Original Wizard" via het Penguin label uit, waarop 11 nummers staan.
Tevens verscheen dat jaar hun single "Got Love" / "Freedom", die door het Penguin label werd uitgebracht en ook op de CD uitgave van het Gear Fab label te vinden is.
De geremasterde CD The Original Wizard start met "Freedom", een lekker klinkende stevige progressieve rock song, die gevolgd wordt door "Come And See The Bride", dat in een rustig tempo begint, waarna de band er met enkele tempowisselingen in slaagt een prima song te laten horen.
Daarna volgt "What Do You Know About Mary?", een heerlijke stevige rock song, die gevolgd wordt door "Opus Ate", eveneens een uitstekende stevige rock song, waarin een vrolijk aanstekelijk ritme zit.
Dan speelt de band het korte "Goin' Away", dat een in uptempo gespeeld wordt en aanzet tot dansen, waarna "Killing Time" volgt, een schitterende song, waarin de muziek hier en daar iets weg heeft van het Jimi Hendrix nummer "Purple Haze".
In "Got To See My Way" laat Wizard een vrij ruige progressieve rock song horen, die swingt als een trein en in "Ride" speelt de band een mix van country en rock in een prima dansbaar nummer.
"Seance" is wederom een lekker klinkende progressieve rock song, die heftig eindigt, "Talkin' To God", een religieuze rock song die swingt en het laatste nummer van de LP "Evergreen", een schitterende progressieve rock song.
Vervolgens volgt de A-kant van de single "Got Love", een uitstekende dansbare vrij commerciële rock song, waarna de single versie van "Freedom" te horen is en dit is een net zo lekker klinkende uitvoering als die van de LP.
Zoals veel van de uitgaven van Gear Fab is dit wederom een kwaliteitsproduct, die het beluisteren meer dan waard is.

vrijdag 28 maart 2014

Review: Good Dog Banned - Good Dog Banned

Gear Fab 1999-(GF-125)

De band Good Dog Banned bestond uit leden, die uit verschillende plaatsen van Amerika kwamen.
Tim (Fig) Cain - saxofoon en sologitaar kwam uit Marin, Chris Miller - sologitaar, akoestische gitaar en saxofoon uit Los Angeles, Doug (Fingers) Mortenson - sologitaar, akoestische gitaar en steel gitaar uit Los Angeles, Dwight Wolf - basgitaar uit Colorado en Lee Marks - drums en bamboe fluit uit Pasadena.
De band nam in de Solar Tip Studio te Blue Lake, California 9 nummers op, die via Gear Fab in 1999 opnieuw zijn uitgebracht.
De CD start met "Rollin' Into Salyer", een country rock song met brass rock invloeden, die gevolgd wordt door "Smokestacks", een uitstekende country rock song, die in een gemiddeld tempo gespeeld wordt en licht progressieve rock invloeden kent.
Daarna volgt "Rust And Decay", eveneens een lekker in het gehoor klinkende country rock song, waarna "Things Ain't So Bad" volgt, een swingende mix van brass rock, blues en pop.
Dan speelt de band "River Bummin'", een heerlijk swingend uptempo nummer, waarin opnieuw de mix van country rock en brass rock gemaakt wordt en dit wordt gevolgd door "Worthy", een vrolijke swingende rock song, waarin de muziek aanzet tot dansen.
"Don't Burn Baby Grow" is weer een lekkere dansbare country rock song, "Utah", een mix van country rock, brass rock en pop en "Livin' In Harmony", een in een langzaam tempo gespeelde pop song, waarbij prima samenzang ten gehore gebracht wordt.
Good Dog Banned heeft een uitstekend stuk muziek achter gelaten, dat zeker bij de liefhebbers van deze muzieksoort in de smaak zal vallen.

vrijdag 21 maart 2014

Review: Grapes Of Wrath - Grapes Of Wrath

Gear Fab 1999-(GF-126)

Grapes Of Wrath ontstond in Phoenix, Arizona, nadat de Britse invasie, onder leiding van The Beatles, ook Amerika had veroverd en bestond van 1964 tot 1973.
De band, die in verschillende samenstellingen speelde, nam in die periode diverse singles op en hiervan zijn enkele op deze CD te beluisteren.
Grapes Of Wrath bestond oorspronkelijk uit: Brent Burns - zang, Michael Whitehurst - zang en slaggitaar, Steve Whitehurst - zang en drums, Stuart Wood - basgitaar en zang, waarna ook John Hesterman - Vox orgel deel van de band ging uitmaken.
Verder speelden Jim Simmons  - akoestische basgitaar, Brian Black - keyboards en zang, Keith Rosenbaum - drums, Jr. Ellis - 12 snarige sologitaar, Mark Aquirre - akoestische sologitaar, Rick Grammatico - drums, Gerald Tietz - basgitaar en Terry Mitchell - drums en zang in één of meerdere andere formaties van de band.
De CD uitgave bevat 14 songs en daarvan heet het eerste nummer "If Anyone Should Ask", een geweldige beat song in de stijl van The Dave Clark Five en de A-kant van hun single, die via het STORM Records label verscheen.
Het volgende nummer heet "Not A Man" uit 1967, dat regelmatig gedraaid werd door de radio stations en hierin laat de band een uitstekende ballad horen, die geïnspireerd is door de muziek van The Byrds, terwijl de volgende song "Irene" dezelfde baslijn bevat als "These Boots Are Made For Walkin'" van Nancy Sinatra en dat is niet vreemd, als je weet dat de akoestische basgitaar door dezelfde persoon gespeeld wordt als op "These Boots", namelijk door Jim Simmons.
Verder is het nummer een antwoord op het nummer "Winchester Cathedral" van The New Vaudeville Band en klinkt het lekker dansbaar.
Vervolgens speelt de band een schitterende oosters klinkende psychedelische song, getiteld "Life's Not Me (Only For You)" uit 1967 en in dit nummer komt de inspiratie van George Harrison's sitarspel op de LP "Revolver" uit 1966.
Daarna volgt "Have A Good Time On Me", een heerlijke swingende rock song uit 1968, waarna het surf nummer "Bawn Diddy" te horen is en hierin heeft de band inspiratie geput uit "Wipe Out" het ultieme surf nummer van de Surfaries.
"Make It Through 71" komt uit 1971 en hierin laat Grapes Of Wrath de invloed van The Beatles nog maar eens horen, want deze song heeft sterke overeenkomsten met "Get Back" en "If You Leave Me", uit 1971, is een prima ballad.
In "I'm In Love With You", de B-kant van "If You Leave Me", speelt de band een uitstekende pop song en "The Party's Over" laat Grapes Of Wrath een schitterende rock & roll song horen, die ondersteund wordt door de blazers sectie van de band Thornhill.
Met "For Awhile" werd in het voorjaar van 1972 opgenoimen en hierin speelt de band een prima klinkende pop song in een gemiddeld tempo, die gevolgd wordt door "Shades Of Lillian White", een heerlijke pop song, uit 1970, die akoestisch gespeeld wordt.
Dan laat de band opnieuw een prachtige rustige song horen, die "If She Leaves Me" heet en in 1972 opgenomen is, hoewel de band dit nummer al in 1967 op het repertoire had staan en ook in dat jaar wilde op nemen.
Als laatste nummer staat "Suicide" uit 1970 op de CD en dit is een vrij heftige progressief klinkende pop song en een prima afsluiter van deze uitstekende uitgave.

vrijdag 14 maart 2014

Review: Earthern Vessel - Hard Rock/Everlasting Life

Gear Fab 1999-(GF-127)

Earthern Vessel, uit Lansing, Michigan, ontstond in het najaar van 1970 door toedoen van gospel kwartet tenor Leon Morton en zijn partner Walter Ballard en zou tot 1972 blijven bestaan.
Leon Morton vroeg folk singer Dave Caudill, na zijn optreden in de Nazarene kerk, om als sologitarist bij een door hem samengestelde band te komen spelen.
Morton en Ballard vormden ze Balton Enterprises Inc., die de manager was van de band Earthern Vessel en hun voorprogramma, folk singer Little Grozier.
Oorspronkelijk heette de band The Rare Ones, maar spoedig veranderde dat in Earthern Vessel.
De band reisde in een omgebouwde tour bus, waarin achterin een slaapplaats was gemaakt voor zangeres, keyboards speelster Sharon Keel en in het midden de slaapruimte voor de mannelijke leden was, terwijl voorin een zithoek was gecreëerd.
Earthern Vessel bestond uit: Sharon Keel - zang, keyboards en percussie, Dave Caudill - sologitaar, akoestische gitaar, zang en mondharmonica, John Sprunger - basgitaar, zang en trompet, Ken Fitch - keyboards, zang en percussie en Ed Johnson - drums.
Omdat Enterprises Inc. ook een koffiehuis bezat, trad de band daar regelmatig op, als ze in hun thuisstad was, maar ook trad de band geregeld op in een christelijke plek, genaamd The Catacombs.
Verder speelde de band onder andere op festivals in het Midwesten van Amerika, op christelijke muziek festivals en maakte een 9-daagse tour door Zweden.
Ook werden er eigen songs geschreven en nadat de band er genoeg had gemaakt, werd in de zomer van 1971 besloten om een album op te nemen in de NRS Records studio te Nashville, Tennessee.
De LP, die ook via NRS Records verscheen, bevat 6 songs, waarvan "Life Everlasting" de eerste is en dit is een schitterende psychedelische rock song, die na een tempowisseling, over gaat in een swingend progressief nummer, dat me aan de muziek van Grand Funk Railroad doet denken.
Daarna speelt de band "You Can", een uitstekende religieuze progressieve rock song, die gevolgd wordt door "Let Jesus Bring You Back", eveneens een swingende religieuze rock song, waarin de band de combinatie met progressieve rock maakt.
Dan volgt "I've Been Walking", waarin de band een fantastische progressieve rock song speelt, die ook nu weer doorspekt is van religieuze teksten, waarna "Comin' Home" te horen is en ook hierin speelt de band een uitstekende progressieve rock song met religieuze teksten.
Het laatste nummer heet "Get High", waarin dezelfde mix wordt gemaakt, dus religieuze teksten begeleidt door progressieve rock.
Earthern Vessel heeft met "Hard Rock/Everlasting Life" een geweldig stukje muziek weten te maken een een brug geslagen tussen progressieve rock en het geloof.
Roger Maglio van Gear Fab is er met deze uitgave opnieuw in geslaagd een obscure plaat weten te lokaliseren en uit te brengen.Driewerf hoera!

vrijdag 7 maart 2014

Review: Rhubarb's Revenge - Rhubarb's Revenge

Gear Fab 1999-(GF-128)

Rhubarb's Revenge kwam uit New Jersey en maakte hun enige LP, opgenomen in de Pink Grass Studio's, van Christopher Breetveld, in Kendal Park, New Jersey, op een 2 sporen recorder.
De LP verscheen in het najaar van 1973 via het Pink Grass Records label onder de titel "Rhubarb's Revenge Or Confessins Of A Big Lanky Dope" en er werden slechts 100 exemplaren van de plaat geperst.
De band bestond uit: Christopher Breetveld - solo- en basgitaar, drums, piano en fluit, Gregory Shuss - piano en vibrafoon, Robert Rothschild - drums, conga's en koelvat, Richard Larsen - 12 snarige akoestische gitaar en basgitaar, Michael Rothkopf - akoestische gitaar en William DiMartino - drums.
Op de LP worden ze bijgestaan door Michael Carlos Parmenter - zang, Rene Roques - akoestische gitaar en viool, Halbert Horatio Ketofsky - basgitaar en saxofoon, Stephen Stein - zang, Christopher Zaic - sologitaar en Funky Eddie - percussie.
De CD uitgave bevat de 10 nummers van de LP plus 4 bonus nummers, die niet eerder werden uitgebracht.
De plaat start met de eigen compositie "Intro - Man To Man", een vrij psychedelische song met een pakkend licht hypnotiserend ritme, die gevolgd wordt door de Zombies cover "Time Of The Season", die door de band in een erg swingende funky versie wordt gespeeld.
Daarna laat de band een cover van het Kinks nummer "Victoria" horen en ook deze klinkt lekker swingend, waarna de Byrds cover "Mr.Spaceman" volgt, die op een prima wijze ten gehore gebracht wordt.
Vervolgens speelt de band opnieuw een cover en deze keer is dat een Move song, getiteld "Words Of Aaron", die een beetje rommelig klinkt en een wisselend tempo bevat, waarna een korte eigen compositie volgt, getiteld "Lonely" en hierin wordt een nummer van zang en akoestische gitaar gespeeld.
De volgende song heet "Tomorrow Begins Today", opnieuw een eigen nummer en nu laat de band een mooie rustige pop song horen, waarin schitterende samenzang zit, waarna op driekwart van het nummer de muziek verandert in progressieve jazz.
Dan volgt het slechts 1 minuut durende nummer "When I Feed My Prize Hog", waarin de band laat horen goed te kunnen samen zingen en dit wordt gevolgd door "Nice Spot In The Dark", een swingende progressieve rock song met Santana-achtige ritmes, waarna het laatste nummer van de LP volgt, getiteld "Avon Girl", een uitstekende pop song met wisselende tempo's en een aanstekelijk vrolijk ritme, dat een experimenteel einde heeft.
"2000 Man" is de eerste van de bonus nummers en dit is een cover van het Rolling Stones nummer, die niet onverdienstelijk gespeeld wordt.
Daarna laat de band een kort stukje humoristische zang horen, "Prize Hoggies #2", genaamd en vervolgens de laatste cover, het door Neil Young geschreven "Ohio" en ook dit klinkt prima, waarna de CD wordt afgesloten met "Road Apple Jammies", waarin de band opnieuw een humoristisch gezongen stukje laat horen, zichzelf begeleidend op pianao en conga's.
De CD "Rhubarb's Revenge Or Confessins Of A Big Lanky Dope" is weer zo'n obscure uitgave van het Gear Fab label, die je gehoord moet hebben, om er over te oordelen en wat mij betreft is deze zeker die moeite waard.